top of page

Geen monumenten, wel mooie momenten: Een analyse van Wout van Aert’s wielerjaar na zijn lange weg terug

wout podium tour 25.webp

Wout van Aert behoort al jaren tot de absolute wereldtop in het wielrennen. Ook in 2025 liet hij opnieuw zien waarom hij zo’n unieke renner is: veelzijdig, strijdlustig en altijd vol ambitie. Hoewel het seizoen niet het absolute hoogtepunt kende dat velen van hem verwachtten, kleurde Van Aert de koers zoals weinig anderen dat kunnen. Dit jaar stond vooral in het teken van terugkomen, doorzetten en vechten op het hoogste niveau, ondanks uitdagingen en momenten van kritiek. 2025 werd geen jaar van grote titels, maar wel van karakter, koerszin en een indrukwekkende comeback. En misschien is dat, met het oog op wat komt, minstens even veel waard. Nu Van Aert op een paar mooie eendagskoersen na, dit najaar nog weinig grote doelen heeft, blikken we terug en vooruit naar wat is geweest en wat komt. 

De strijd om weer op niveau te komen

Sommige sportseizoenen zijn moeilijk in één woord samen te vatten. Voor Wout van Aert was 2025 er zo een. Geen klassiek voorjaar met een zege, geen overwinningen in de monumenten of op de kampioenschappen. En toch was het een jaar om niet te vergeten. Een jaar waarin hij opnieuw zijn karakter toonde, zijn veelzijdigheid etaleerde, en zijn koershart op tafel legde. Meer dan wie ook kleurde hij de koers van februari tot juli, en dat ondanks een voorbereiding die allesbehalve ideaal was.

Wie echt wil begrijpen wat Wout dit jaar heeft gedaan, moet niet alleen naar de uitslagen kijken, maar vooral naar het verhaal achter die cijfers. Het is het verhaal van een atleet die terugkwam van ver. Die revalideerde toen anderen opbouwden. Die bleef koersen toen zijn lichaam niet altijd mee wilde. En die ondanks tegenslag en kritiek, op het hoogste niveau wist te winnen. Op karakter, op inhoud, op klasse.

De basis voor dit seizoen werd gelegd in de fitness en bij de kinesist, niet enkel op de fiets. Eind 2024 kwam Wout in de Vuelta al voor de zoveelste keer zwaar ten val, met een complexe knieblessure tot gevolg. Een knie die er tot op vandaag op het zicht nog steeds zeer toegetakeld uitziet. Het zorgde voor een stevige impact op de stabiliteit van zijn rechterbeen. Hij moest maandenlang revalideren: krachttraining, mobiliteitsoefeningen, medische begeleiding. Geen lange duurritten onder de Spaanse zon. Zijn trainingsblokken bestonden uit kortere, intensievere sessies onder supervisie van dokters en kinesisten. Terwijl zijn concurrenten de fundamenten voor hun voorjaar legden, moest Van Aert zijn eigen lichaam stukje bij beetje weer opbouwen.

“Ik ben nog altijd bezig om mijn rechterbeen even sterk te krijgen als mijn linker,” gaf hij toe, vlak voor hij deze winter opnieuw het veld indook. Het was duidelijk: de echte Wout was nog niet terug. Fysiek was hij misschien wedstrijdfit, maar van topvorm was geen sprake. Het was een winter van frustratie, maar ook van doorzettingsvermogen. Van Aert is geen renner die zich snel laat ontmoedigen. Hij zette door, beet op zijn tanden, en begon aan het voorjaar met één doel: meedoen met de besten, en wanneer mogelijk, meespelen om de overwinning.

Een voorjaar vol uitdagingen

Het begin van het seizoen was moeilijk, en dat was zichtbaar. In het Belgische openingsweekend kwam hij er niet aan te pas. In Dwars door Vlaanderen lieten hij en zijn ploeg zich verrassen door Powless, wat een zeer pijnlijke nederlaag was. Het was duidelijk dat hij nog niet de frisheid en kracht had om te domineren zoals in zijn topjaren.

De grote stap in de goede richting kwam in de Ronde van Vlaanderen. Daar reed hij met het mes tussen de tanden, zat hij voortdurend voorin, en kon hij op de grote hellingen reageren op aanvallen van toppers als Pogacar en Van der Poel. Het was geen overwinning, maar wel een koers waar hij kon op bouwen en moraal uit kon putten. Hij finishte uiteindelijk net naast het podium, maar de manier waarop hij reed gaf veel vertrouwen. Het contrast met Parijs-Roubaix een week later was groot. Waar hij in de Ronde initiatief nam en meedeed voor winst, kwam hij in Roubaix niet echt in het stuk voor. Geen aanval, geen aanwezigheid in de finale, enkel overleven. Hij eindigde als vierde, maar dat cijfer misleidt. Hij reed nooit echt mee voor de overwinning. Later zou hij zelf toegeven dat zijn lichaam leeg aanvoelde, dat de inspanningen van de weken ervoor zwaar doorwogen. Roubaix kwam binnen als een grote ontgoocheling.

Toch was zijn voorjaar allesbehalve slecht, het was weliswaar een voorjaar zonder grote overwinning maar de constante in ereplaatsen was zeer indrukwekkend. In de Brabantse Pijl en de Amstel Gold Race die nog volgden reed hij opnieuw met panache. Hij zat weer vooraan, toonde lef en koersinstinct, en werd uiteindelijk knap tweede en vierde. Geen overwinning, maar wel de bevestiging dat hij weer koers maakte, iets wat niet in de uitslagen alleen te vatten is.

Van ziekte naar triomfen in de grote rondes

Met het voorjaar achter de rug en zijn vorm duidelijk groeiend, richtte Van Aert zijn blik op de Giro. Maar daar kreeg hij weer af te rekenen met pech. Hij startte ziek in Turijn, voelde zich dagenlang belabberd, en overwoog zelfs even om af te stappen. Maar Wout zou Wout niet zijn als hij zich daarbij neerlegde.

Toen zijn lichaam eindelijk begon te herstellen, sloeg hij toe. In Siena (op het iconische Piazza del Campo) won hij de rit die de Strade Bianche allures had. Op de witte grindwegen van Toscane reed hij bijna iedereen uit het wiel. Een overwinning zoals we hem het liefst zien: met kracht, souplesse, en een grote grijns bij de aankomst. Het was zijn eerste overwinning van het seizoen, en meteen een parel. Ook indrukwekkend was zijn rol in de koninginnenrit over de Colle delle Finestre. Daar reed hij niet voor zichzelf, maar voor zijn ploegmaat Simon Yates. Hij hield op de loodzware grindklim voldoende voorsprong om zijn kopman in de vallei bij te staan, een actie die Yates uiteindelijk de eindzege zou opleveren. Zelf kreeg Van Aert er geen bloemen voor, maar de wielerkenner zag het: dit was meesterschap. De rit werd een van de sportieve hoogtepunten van de hele Giro, mede dankzij zijn werk.

Wout Sienna vol.jpg

De Tour de France begon zoals de Giro: met een zieke Wout. In de eerste week was hij onzichtbaar. In de punchy etappes was hij niet op de afspraak, op de lange cols kon hij Jonas Vingegaard nauwelijks bijstaan. Critici begonnen zich vragen te stellen: was de rek eruit? Had hij te veel gegeven? Was hij nog wel de Van Aert die jaren eerder domineerde?

Maar Van Aert liet zich opnieuw niet uit balans brengen. Hij herstelde geleidelijk, reed zich steeds beter in de wedstrijd, en toen iedereen dacht dat zijn Tour erop zat, kwam de ontlading. In de rit naar Montmartre, een van de meest felbegeerde etappes van deze tour, schreef hij geschiedenis. Op de stenen in Parijs reed hij iedereen uit het wiel, inclusief Pogacar, die twee jaar lang niemand ergens heeft moeten laten rijden. De beelden spraken boekdelen. Een aanvallende Van Aert, met een versnelling die bijna brutaal was, en een aankomst op de Champs-Élysées die zelfs de meest kritische toeschouwer kippenvel bezorgde. Het was niet alleen een overwinning, het was een statement: Wout van Aert is nog steeds een van de allerbesten.

Geen WK, de blik op 2026

Na de Tour maakte Van Aert een beslissing die voor hem een zeer moeilijke maar weloverwogen keuze bleek: hij kiest er dit jaar voor om zowel het Europees Kampioenschap als het Wereldkampioenschap in Rwanda te laten schieten. Het betekent dat hij geen medailles meer najaagt, geen reizen onder extreme weersomstandigheden maakt, en geen extra piek moet leggen na een al bijzonder zwaar en intensief seizoen. Voor Van Aert staat nu zijn lichaam centraal, net als zijn lange termijn gezondheid en prestaties.

Het WK in Rwanda zou immers een heel specifieke en zware voorbereiding vereisen. Hoogtetrainingen, acclimatiseren aan de hitte, extra belastende trainingsblokken: het zou opnieuw veel vragen van een lichaam dat dit seizoen al flink is op de proef gesteld. Wout beseft dat hij zijn grenzen dit jaar al meerdere keren heeft opgezocht en soms zelfs overschreden. Zijn knie is nog niet op het niveau van voorheen, en de mentale druk van een lang seizoen eist ook zijn tol. Daarom kiest hij voor rust, voor herstel, en voor een winter waarin hij eindelijk zonder beperkingen kan trainen.

Dit betekent geen krukken meer, geen pijnlijke fysiotherapiesessies, maar gewoon fietsen, trainen en bouwen aan een goede basis. Een winter waarin hij zijn conditie opbouwt met het oog op een succesvol 2026. Door deze bewuste keuze om deze kans aan zich voorbij te laten gaan, zet Van Aert zichzelf in een betere positie om volgend jaar weer op het hoogste niveau te kunnen presteren. Het is een verstandige, volwassen beslissing die laat zien dat hij niet alleen een vechter op de weg is, maar ook een slimme sportman met oog voor de lange termijn doelen.

Het doel voor 2026 is glashelder: het moet het jaar worden waarin hij weer volop meestrijdt voor de allergrootste overwinningen in het wielrennen. Vooral de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix staan met stip bovenaan zijn verlanglijst. Koersen waarin hij al vaak dicht bij de zege was, maar waarin die ultieme overwinning nog ontbreekt. Van Aert wordt volgende maand 31 jaar en beseft maar al te goed dat het grootste deel van zijn carrière al achter hem ligt. Een extra drive om nog eens alles op alles te zetten. Hij beseft dat het harde werk in de maanden die volgen cruciaal is om weer aanspraak te kunnen maken op de hoofdrollen in de klassiekers. Met die focus en die drive zal hij opnieuw aan de start verschijnen, vastbesloten om het verschil te maken en die zege te pakken waar hij al zo lang van droomt.

Wat Wout van Aert dit seizoen heeft laten zien, gaat verder dan alleen de resultaten. Ja, het bleef maar bij 2 overwinningen dit seizoen, en ja, er kwam geen nieuw monument op zijn palmares in 2025. Maar het gaat wel om die twee etappes met de grootste grandeur. De magie van de ritten en de manier waarop hij ze won gaven zijn seizoen glans en bevestigden zijn klasse. Daarnaast toonde hij met talloze top 10-plaatsen dat hij constant op het hoogste niveau meespeelt en vrijwel overal van betekenis was.

Er waren zeker ook moeilijke momenten en kritiek. Zijn tegenvallende prestaties in het openingsweekend, het pijnlijke verlies in Dwars door Vlaanderen en de moeilijke start van zowel de Giro als de Tour trokken de aandacht. Toch bewees Van Aert telkens zijn veerkracht door te blijven vechten en door te zetten, zelfs als het even niet liep zoals gehoopt. 2025 was een jaar waarin zijn karakter en doorzettingsvermogen centraal stonden. Het laat zien dat Van Aert niet alleen een topatleet is als alles perfect samenvalt, maar vooral een kampioen die zich steeds opnieuw herpakt en strijdt, ongeacht de omstandigheden. Dat maakt hem zo speciaal in dit peloton. De komende maanden zijn cruciaal om weer de Wout van in zijn beste jaren te worden, maar één ding is zeker: Wout van Aert is nog lang niet klaar. Zijn verhaal is nog niet ten einde, en wie hem kent weet dat hij alleen tevreden is met het allerhoogste niveau. In 2026 zal hij weer voluit gaan. Hij moet ‘just’ niks, maar hij kan ‘just’ heel veel.

Blijf op de hoogte en volg ons op:

Disclaimer:

- Wees er van bewust dat alle analyses gebaseerd zijn op publieke informatie en persoonlijke observaties.

- Deze website biedt geen professioneel advies, enkel opinies en analyses.

- Koersklap is geen bron van gokadvies.

  • Instagram
  • Facebook
  • Twitter
  • LinkedIn
  • YouTube
  • TikTok

Bij eventuele vragen doen wij ons uiterste best om te antwoorden via onze verschillende kanalen.

Wij zijn ook altijd bereikbaar via ons e-mailadres:

KoersKlap.dd@gmail.com

© 2025 Koersklap - Alle rechten voorbehouden

Elke koers, zijn verhaal.

Gegevens afkomstig van: ProCyclingStats, UCI, Sporza

bottom of page